Amsterdam Dakar Challenge 2008 blog – The Gambia

Dakar2008_1693 Dakar2008_1702

Onze laatste echte etappe. Voor ons gevoel gaan we vandaag echt naar ons einddoel: Gambia. Volgens het roadbook moeten we vroeg op. Het is niet zo’n heel lange etappe, maar we hebben aan het eind van de dag een ferry-oversteek over de brede monding van de Gambia rivier en we mogen de laatste boot niet missen. Rond 7 uur kruip ik na weer een iets te korte nacht uit onze bedouinentent. Er is nog weinig activiteit te bespeuren dus ik twijfgel of we echt wel om half acht zullen vertrekken. De douches hebben geen water, dus ik neem een korte duik in het zwembad om de nacht van me af te spoelen. Vervolgens ruim ik de spullen uit de tent en gooi deze in de auto.

Een half uur later is ook Emile uit zijn bed en zijn we min of meer startklaar. Naast ons staan echter nog enkele tentjes met slapende mensen er in. Als vervolgens enkele mensen zeggen dat onze douanier straks inderdaad wil vertrekken maken we ze maar wakker. De boodschap dat we over 5 minuten vertrekken komt niet echt goed aan. We helpen ze maar met opbreken. Ongeveer een uur na de aanbevolen tijd in het roadbook zijn we min of meer compleet. Er is echter veel verwarring over wie er nu precies in de colonne zullen meerijden. De douanier heeft een lijst met teamnummers en deze lijst komt niet helemaal overeen met de ideeen van sommige deelnemers over vertrekdatum. Sommigen willen graag wachten op de extremen en met hen enkele dagen later naar Gambia rijden. De douanier staat er echter op dat alle teams op zijn lijst nu meerijden. Weer moeten we daarom enkele mensen wakker maken. Zij mogen vervolgens met de douanier bakkeleien om te mogen blijven. De klok tikt ondertussen gestaag verder.

Na nog een uur wachten komen de 5 teams die hiervandaan naar Mali rijden bij ons staan. We hadden vanwege de verschillende vertrektijden gisteren al afscheid genomen, maar kunnen dat nu mooi nog een keer overdoen. We zien ze met lede ogen vertrekken. Zij hebben allemaal bij binnenkomst in Senegal een passavant gekregen, zodat ze zonder douanier de lange weg tussen Dakar en de Malinese grens mogen rijden. De 15 teams die naar Gambia gaan hebben deze passavant niet en zitten aan de soldaat van de douane vast. Het is overigens best een aardige vent, maar we hadden liever zonder hem gereden.

Om een lang verhaal kort te maken: pas om twaalf uur ‘s middags vertrekken we van campement Keur Salim. We hebben ruim 4 uur op de warme parkeerplaats gestaan. Wij rijden met de Pajero helemaal achteraan en spelen samen met Ted en Vera van 1123 de kop en staart van de kolonne. Via ons 27MC bakkie houden we de lange sliert auto’s in het gareel. Het is maar goed dat er zoveel bakkies zijn, want op enkele punten in de buitenwijken van Dakar rijden er verschillende auto’s rechtdoor als de groep rechts of linksaf gaat. We zetten dan de kolonne stil en rijden er als een gek achteraan om ze terug te halen. Dit gebeurt vooral in de stad enkele keren en het kost elke keer een kwartier voordat we 1123 weer het commando ‘rijden maar!’ kunnen geven.

Het is ongeveer 175 kilometer naar de Gambiaanse grens. Eenmaal uit de warrige buitenwijken van Dakar schiet het best lekker op. Ook de doortocht door Kaolack, de 3e of 4e stad van Senegal verloopt voorspoedig. Ruim voor donker staan we plotseling aan de grens met Gambia. Dit is de eerste grens die er niet als grens uitziet. Het lijkt meer een drukke markt met een slagboom in het midden. Zodra we stilstaan worden we overvallen door verkopers van fruit, drinken en noten en door cadeautjes-vragers. We zamelen de paspoorten in en iemand gaat ermee naar de Senegalese douane. We bereiden ons voor op een lange wacht, maar krijgen al na een kwartiertje onze paspoorten terug en rijden naar de volgende grenspost. De Gambiaanse kant van de grens ligt slechts 100 meter verderop in de drukte en ook hier is het snel gepiept. Iedereen een stempeltje en that’s it! Rond vijf uur ‘s middags rijden we Gambia binnen.

Van de grens naar de veerboot over de Gambia River in Barra is een kilometer of 25. Het lijkt er op dat we nog net voor donker de boot opkunnen, mits er geen rij staat. Gisteren spraken we iemand die meer dan 24 uur in de rij had gestaan, dus ik maak me zorgen of we vandaag nog wel over kunnen. Maar bij aankomst blijkt de toegevoegde waarde van de Amsterdam-Dakar organisatie. Er staat een flinke rij auto’s in de straten van Barra, maar we worden er professioneel en enigszins sneaky langs geleid en rijden direct het afgeschermde ferry-terrein op. Ook hier is het stervensdruk en het verschil tussen havenpersoneel en oplichters is hier moeilijk te zien. Gelukkig is ook hier iedereen uiterst vriendelijk, al lijkt er geen systeem in de wachtrij te zitten en ook het laden van de ferry lijkt een kwestie van willekeur.

De overtocht duurt een half uur en er zijn drie schepen, waarvan er vandaag twee in bedrijf zijn. Er is dus grofweg elk half uur een afvaart. De schepen zijn afgedankte ferries van Vlissingen naar Breskens, die ze hier minstens twee keer voller laden dan in Nederland ooit maximaal was toegestaan. We moeten een klein uurtje wachten binnen de muren van de terminal en worden dan de boot op geleid. De auto’s staan letterlijk zij aan zij, zodat ik alleen nog door het raam kan uitstappen. Het grootste deel van de overtocht maak ik met een biertje op het dak van de 4dakar Volvo, gezellig kletsend met mensen op de eerste verdieping. De lucht kleurt prachtig donker oranje als we na zonsondergang de tocht naar Banjul beginnen.

Eenmaal aan de overkant rijden we in het pikkedonker de boot af. Aan de rechterkant de oranje gloed van hoofdstad Banjul, aan de linkerkant een donker industrieterrein langs de Gambia River. De instructies zijn niet helemaal duidelijk en we rijden linksaf langs de rivier het donkere mangrovewoud in. We moeten lang wachten voordat ook de laatste auto’s van de boot zijn, maar zijn toch mensen kwijtgeraakt, die waarschijnlijk rechtsaf zijn geslagen. Met een stuk of zes auto’s besluiten we na een tijdje dan maar door te rijden. We zijn moe en willen graag de camping vinden. Na een uur komen we in de buurt van waar Camping Sukuta zou moeten liggen. Het stadje Sukuta is echter een doolhof van zandwegen, waar we hopeloos verdwaald raken. Maar al snel verschijnt de politie. We maken ons heel even zorgen, maar we kunnen in het Engels (in Gambia spreekt men Engels in plaats van Frans) uitleggen dat we op zoek zijn naar een camping. En in plaats van het ons uit te leggen zet de politieman de sirene en zwaailichten op zijn oude motorfiets aan en gebaart ons te volgen. Met behoorlijke snelheid rijdt hij behendig door de wirwar van zandwegen. Het is nog een heel eind en het kost ons moeite hem bij te houden. Maar op een gegeven moment houdt hij halt en wijst een smal zandpad in. In het licht van de koplampen verschijnt een gehavend houten bord met de aanduiding ‘Camping Sukuta’. De Duitse eigenaars zijn enigszins verbaasd over de late aankomers, maar er is plek genoeg voor ons kleine konvooi. Er is zelfs koud bier in de bar!

Dakar2008_1701

Leave a Reply

Your email address will not be published.